Tabel met technische gegevens voor EWAD-CZXL

EWAD740CZXL EWAD830CZXL EWAD900CZXL EWADC10CZXL EWADC11CZXL EWADC12CZXL EWADC13CZXL EWADC14CZXL EWADC15CZXL EWADC16CZXL EWADC17CZXL EWADC18CZXL
Koelcapaciteit Nom. kW 734.1 828.5 898.2 1,033 1,090 1,232 1,303 1,444 1,538 1,616 1,701 1,795
Capaciteitsregeling Methode   Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel Variabel
  Minimum koelcapaciteit % 20 20 20 20 20 20 20 20 20 13 13 13
Opgenomen vermogen Koelen Nom. kW 238 269.5 309.2 343.3 379.9 404.3 446.6 493.7 538.4 564.3 595.9 618.7
EER 3.072 3.075 2.904 3.008 2.869 3.047 2.919 2.926 2.856 2.863 2.855 2.9
ESEER 4.72 4.89 4.88 4.91 4.7 4.7 4.51 4.73 4.83 4.59 4.62 4.61
Afmetingen Unit Diepte Mm 6,725 7,625 7,625 8,525 8,525 10,325 10,325 11,625 12,525 12,525 13,425 14,325
    H Mm 2,540 2,540 2,540 2,540 2,540 2,540 2,540 2,540 2,540 2,540 2,540 2,540
    Breedte Mm 2,285 2,285 2,285 2,285 2,285 2,285 2,285 2,285 2,285 2,285 2,285 2,285
Weight Bedrijfsgewicht kg 6,530 7,140 7,390 8,160 8,160 9,240 9,640 10,260 10,600 12,640 13,460 14,210
  Unit kg 6,280 6,900 7,150 7,720 7,720 8,850 9,250 9,880 10,220 11,790 12,610 13,340
Waterwarmtewisselaar Type   Shell & tube Shell & tube Shell & tube Shell & tube Shell & tube Shell & tube Shell & tube Shell & tube Shell & tube Shell & tube Shell & tube Shell & tube
  Watervolume l 248 241 241 441 441 383 383 374 374 850 850 871
Luchtwarmtewisselaar Type   Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype Uiterst efficiënt lamel- en buistype
Ventilator Luchtdebiet Nom. l/s 65,026 75,863 75,863 86,701 86,701 108,376 108,376 119,214 130,051 129,455 140,143 151,130
  Snelheid tpm 900 900 900 900 900 900 900 900 900 900 900 900
Compressor Hoeveelheid_   2 2 2 2 2 2 2 2 2 3 3 3
  Compressor-=-Type   Driven vapour compression Driven vapour compression Driven vapour compression Driven vapour compression Driven vapour compression Driven vapour compression Driven vapour compression Driven vapour compression Driven vapour compression Driven vapour compression Driven vapour compression Driven vapour compression
Geluidsvermogenniveau Koelen Nom. dBA 99 100 100 100 100 101 101 101 101 103 103 103
Geluidsdrukniveau Koelen Nom. dBA 78 78 78 78 78 78 78 78 78 80 80 80
Koelmiddel Type   R-134a R-134a R-134a R-134a R-134a R-134a R-134a R-134a R-134a R-134a R-134a R-134a
  GWP   1,430 1,430 1,430 1,430 1,430 1,430 1,430 1,430 1,430 1,430 1,430 1,430
  Circuits Hoeveelheid   2 2 2 2 2 2 2 2 2 3 3 3
  Vulling kg 146 162 162 200 200 250 250 250 280 320.1 339.9 350.1
Volume Per circuit TCO2Eq 104.4 115.8 115.8 143.0 143.0 178.8 178.8 178.8 200.2 152.5 162.1 166.8
Spanningsvoeding Fase   3~ 3~ 3~ 3~ 3~ 3~ 3~ 3~ 3~ 3~ 3~ 3~
  Frequentie Hz 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50 50
  Spanning V 400 400 400 400 400 400 400 400 400 400 400 400
Compressor Startmethode_   Invertergestuurd Invertergestuurd Invertergestuurd Invertergestuurd Invertergestuurd Invertergestuurd Invertergestuurd Invertergestuurd Invertergestuurd Invertergestuurd Invertergestuurd Invertergestuurd
Opmerkingen (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511 (1) - Prestaties berekend volgens EN 14511
  (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen. (2) - Het geluidsvermogenniveau (bij normale bedrijfsomstandigheden) is gemeten volgens ISO 9614 en volgens Eurovent 8/1 voor Eurovent-gecertificeerde toestellen.
  (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by. (3) - Maximale aanloopstroom: de unit is aangedreven met een inverter. Geen aanloopstroom bij het opstarten. De vermelde waarde verwijst naar de stroom in stand-by.
  (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren. (4) - Nominale stroom in de koelmodus: waterintredetemp. verdamper 12°C; wateruittredetemp. verdamper 7°C; omgevingsluchttemp. 35°C. Stroom door compressor + ventilatoren.
  (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren (5) - Maximum stroomverbruik is gebaseerd op max opgenomen stroom van compressor in zijn omhulsel en max opgenomen stroom van ventilatoren
  (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning. (6) - Max. unitstroom voor de maat van de bedradingen is gebaseerd op min. toegelaten spanning.
  (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water (7) - Vloeistof: Water
  (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen. (8) - Toegelaten spanningstolerantie: ± 10%. Een spanningsonevenwicht tussen de fazen moet binnen de grenzen van ± 3% liggen.
  (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS). (9) - Meer details over het bedrijfsbereik vindt u in de Chiller Selection Software (CSS).
  (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit. (10) - Toestel bevat gefluoreerde broeikasgassen. Het werkelijke volume van het koelmiddel hangt af van de definitieve constructie van de unit, de betreffende gegevens zijn te vinden op de etiketten van de unit.